Home | Nieuws | Van Popol tot Brilsmurf

Van Popol tot Brilsmurf

28/12/2017

We volgen graag het voorbeeld van grote broer KNACK Magazine dat op het einde van een kalenderjaar in zijn laatste (extra dik) nummer steevast uitpakt met enkele spraakmakende interviews. Omdat we nu eenmaal niet over dezelfde (lees: organisatorische, financiële en redactionele) middelen beschikken doen we het op onze eigen manier. Met verslaggever Paul D’haene, of misschien verkies je Popol of Brilsmurf, heeft het webteam een begenadigd schrijverstalent in zijn rangen lopen die na iedere thuiswedstrijd op Schiervelde zorgt voor een uniek wedstrijdverslag waarbij de setstanden nooit op de eerste plaats staan. Hoe dit allemaal gegroeid is laten we liever door hemzelf vertellen in het volgend artikel.

 

eejo

Van Popol tot Brilsmurf of de wedstrijdverslaggeving van volleybalclub Knack Roeselare (deel 1)

 

In 1998 maakte Mieke de overstap van Bank van Roeselare naar Roularta. Roularta, uitgever van Knack, Trends, De Weekbode en tal van andere magazines is sinds jaren hoofdsponsor van volleybalclub Roeselare.

 

 

Aan het Belgische volleybalfirmament verdelen twee clubs de kampioenschapstitels onder elkaar : Knack Roeselare en Noliko Maaseik. Maes Pils Zellik was de laatste andere kampioen in1994. Sinds 1995 mocht Maaseik 13 keer de schaal in de lucht steken, Knack Roeselare 10 keer. Toevallig kennen deze twee clubs ook wel een stabiele en trouwe hoofdsponsor.

 

 

 

Roularta biedt in 1998 aan zijn personeelsleden een voordelig abonnement aan en zo komt het dat ik sinds 1998 supporter ben van Knack Volleybalteam Roeselare.
Vandaag de dag gaat de puntentelling tot 25 in elke set en tot 15 in een eventuele vijfde set. In 1998 echter kenden we nog het 15 puntensysteem en kon je enkel punten scoren op eigen service. Met deze kennis trok ik dus, als ex-basketter, naar het Strohof in Beveren-Roeselare.
Knack joeg al jaren op een nieuwe titel, tevergeefs. In het team kon de jonge coach Dominique Baeyens beroep doen op een Olympische gouden medaillewinnaar, Ron Zwerver.

 

 

Als hoofdaanvaller was er de genaturaliseerde Brit Stephen Shittu. Stephen Shittu kon op heel wat buitenlandse belangstelling rekenen en zou later ook naar Italië verkassen maar ook een jaar in de gratie staan van aartsrivaal Maaseik. Jaren later keerde Shittu terug naar België om er bij minder hoog gekwalificeerde clubs te spelen en tenslotte in zeer duistere omstandigheden, na een ritje op zijn quad, plots van de wereld te verdwijnen. Zeer recent werd een verdachte landbouwer nog vrijgepleit van verdenking. De redenen zullen wellicht voor altijd een mysterie blijven.

http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/regio/vlaamsbrabant/1.2375974
https://www.hln.be/regio/gooik/misschien-kunnen-we-ooit-nog-eens-een-potje-volleyballen-wie-weet~a1cb9d1a/

Het internet was reeds uitgevonden en dus had Knack Volley ook een website die door vrijwilligers up to date werd gehouden. Ook voor de verslaggeving stond een supporter in, ik denk dat het Frank was maar zijn familienaam ontsnapt me.
Wat ook een groot 'succes' was : het gastenboek ! Elke club had zo zijn eigen gastenboek waar anoniem posts konden geplaatst worden, zowel door vriend als vijand. Het laat zich te raden dat niet elke post hoog verheven was van inhoud en taalgebruik. De modder werd in alle richtingen gegooid en af en toe moest de moderator toch wel ingrijpen.
Inmiddels is er van het gastenboek van Knack Roeselare geen spoor meer, wanneer het verdween in de catacomben is me niet bekend. Wel vind ik nog een link terug naar het gastenboek van Menen : http://www.koekjes.net/cgi-bin/gastenboek/bekijken.pl?denaam=volleyme&start=1800

Op de gastenboeken deed ik ook mijn duit in het zakje dit onder de naam van Popol. Popol was geïnspireerd op Pol De Tremmerie van F.C. De Kampioenen. De neef van Dimitri (D.D.T.) werd door Balthazar Boma steevast 'Popol' genoemd.

Begin deze eeuw was het tijd om de website te vernieuwen en dit werd in handen gegeven van het I.T.-team van Roularta. Het was ook tijd om de wedstrijdverslaggeving een nieuw leven in te blazen en toen deed Popol zijn intrede als verslaggever voor de thuiswedstrijden. Van meet af aan koos ik voor een wedstrijdverhaal in plaats van een wedstrijdverslag.

 

Van Popol tot Brilsmurf of de wedstrijdverslaggeving van volleybalclub Knack Roeselare (deel 2)

 

Dat niet altijd alles in de smaak valt van iedereen laat zich raden. Het is niet meer dan logisch dat mijn schrijfsels vooral bij de tegenstrevers niet op gejuich worden onthaald. Popol kreeg er dus in de gastenboeken geregeld van langs. In de beginjaren was echter slechts een klein aantal personen op de hoogte van de ware identiteit van Popol, zelfs bij de Knack-supporters. In enkele mindere volleybaljaren waren we niet langer de Kampioenen en dus verdween Popol van het toneel en schreef ik onder mijn eigen naam.

Wat vind ik zelf belangrijk in de wedstrijdverslagen/verhalen ? Als je vele andere samenvattingen leest dan komt het er vaak op neer dat de inhoud nogal sec is, het scoreverloop wordt weergegeven, de opstellingen, de vervangingen. Nogal saai vind ik en niet altijd aangenaam om te lezen. Daarom streef ik er naar om eerder een sfeerverslag te brengen door er wat wist-je-datjes in te mengen, kruiden met wat actualiteit (al dan niet sportief), ook door over de omkadering (zoals het randgebeuren, de muziek en de microman Bart…) te schrijven… Vaak is er ook een rode draad in verwerkt zoals bijvoorbeeld toen Nonkel Bob overleed er tal van verwijzigingen in het verslag stonden naar zijn liedjes en televisie-optredens. Door die sfeerschepping probeer ik ook bij de lezer het gevoel op te wekken dat hij/zij de wedstrijd een stukje herbeleeft.

 



Inmiddels zijn er toch bepaalde zaken in het collectief geheugen van de Knack-supporters gekropen zoals Straffen Hendrik voor boegbeeld Hendrik Tuerlinckx, mooi mooi (Pieter) Coolman (waarbij ik refereer naar het lied Mooi man van Mannenkoor Karrespoor). En ook onze nog steeds fel betreurde Big Bad Wolf Pol Vankeirsbilk eren we nog op geregelde tijdstippen.

Hoe objectief en correct is een samenvatting eigenlijk ? Sowieso bekijk ik alles met een blauw-witte bril, dus objectief is het zeker niet. Daarvoor moet je de officiële media raadplegen op voorwaarde dat die er meer dan vier lijntjes aan besteden juist voor de rubriek vogelpik en duivensport. Maar anderzijds is het ook geen blinde adoratie en verheerlijking op zijn Noord-Koreaans. Op de socio-tribune ben ik ook omringd door vele Knack-supporters en dan hoor je ook wel hun reacties en commentaren. Enkelen (Filip & Filip, Rik, Peter….) zullen al wel gemerkt hebben dat ik hier dankbaar gebruik van maak en dus leentjebuur speel. En dus kunnen mindere zaken ook wel eens aan bod komen.

Mag ik alles schrijven of met andere woorden is er censuur ? Censuur zou ik het zeker niet noemen, trouwens mocht dat zo zijn dan stopt het verhaal direct. Maar anderzijds wordt alles wel gepubliceerd op de website en onder de verantwoordelijkheid van de de meest professionele en beste volleybalclub van het land. Dus pas je je automatisch wel aan. Bovendien is één van mijn aandachtspunten ook dat je de tegenstander moet respecteren. Ook daar doen ze immers meer dan hun uiterste best om met de beschikbare riemen te roeien. Wat niet belet dat er geregeld kan geteased worden of zelfs eens geregeld uitgehaald of geprovoceerd wordt. Dat valt niet altijd in goede aarde bij de tegenstander die in het vizier ligt en dan volgt er op hoger niveau wel eens een telefoontje. Maar in feite zijn die verslagen maar een frivoliteit zoals ik dat noem, hoofdzakelijk bedoeld om de eigen supporters, zoals reeds geschreven, de voorbije wedstrijd nog eens te laten herbeleven. Naar de tegenstanders toe is het soms ook wat zout (in de wonde) of peper (in de verhoudingen). En zolang het goed gaat is het leuk te kunnen uitdelen, maar als het eens minder gaat of bij een verliespartij moet je ook kunnen incasseren, volkomen logisch lijkt me.

Je denkt nu wel misschien dat de verslagen niet bedoeld zijn voor de spelers ? Klopt en wel om een heel eenvoudige reden : mijn gebrek aan kennis van vele onderdelen in het volleybalspel. Zelf heb ik nooit, tenzij op school, volleybal gespeeld. Voor spelers en omkadering is het hun beroep, wie mag ik dan wel zijn om eventueel kritiek te leveren of zelfs commentaar te leveren over de uitblinker van een partij. Maar al te vaak heb je in een wedstrijd een bepaalde impressie, wanneer je echter nadien de scouingscijfers ziet krijg je soms een totaal ander beeld. En dan spreken we nog niet over alles wat niet in de scouting terecht komt, zoals in welke mate een speler de opdrachten van zijn coach uitvoerde.

Toch lezen sommige spelers de verslagen, nog altijd, maar gezien de voorbije jaren uitermate succesvol waren en de wedstrijdverslagen logischerwijze navenant positief waren schept dit dus geen probleem.

Echte problemen zijn er in het verleden niet geweest, eerder een verschil in visie. In de lange periode dat de vorige coach actief was zijn er ook wel minder glorievolle jaren geweest. Ook periodes waarin het team verre van optimaal presteerde en zoals ik al eerder aangaf komen er geen moedwillige leugens in een wedstrijdverslag, geen grove verbloemingen. Een verslag moet geloofwaardig blijven anders verlies je als verslaggever na enkele keren je totale credibiliteit en dat is voor mij wel belangrijk. En dus is het wel eens voorgevallen dat ik, wat ik nadien lachend omschreef maar op het moment zelf met een klein hartje, op ‘audiëntie’ mocht bij de grote Dominique Baeyens. Hoewel we van mening verschilden over wat al dan niet in een verslag op de website van de club kon verschijnen speelt dan vooral het clubbelang. Indien de coach van oordeel is dat een beetje meer op de rem staan in de verslaggeving het team kan helpen dan doe je dit uiteraard. Maar ook in die periodes kon ik rekenen op de volle steun en het vertrouwen van Eejo, die verantwoordelijk is voor het communicatieluik binnen de club.

De kwaliteit van een wedstrijdverhaal hangt niet alleen af van de schrijver maar vanzelfsprekend ook van de wedstrijd zelf. Echter het wedstrijdverslag op zich mag nooit op zich memorabel genoemd worden want dan sla je de bal mis, wel de wedstrijd zelf. Maar er zijn, in die ganse reeks duels, twee die me persoonlijk altijd zullen bijblijven.
In de Belgische competitie herinner ik mij een wedstrijd tegen Puurs. Twee bezoekende supporters hadden zo een manuele toeter bij en ze toeterden zich een lam handje tot grote ergernis van zowat gans Schiervelde, inclusief schrijvende pers. Dat zoiets in het verslag kwam kun je raden, ik denk dat in het verslag van set twee het woord ‘toet’ meer voorkwam dan alle andere woorden tezamen. Soms tot vijf keren ‘toet’ na elkaar. De dag nadien een telefoontje hierover vanuit Puurs naar Knack maar er werd geen komma gewijzigd aan het verslag. Meer nog, de toeters werden overal, in onderling akkoord tussen de clubs, verbannen.

Dan in de Champions League was het de wedstrijd tegen Piacenza in november 2014. De maandagavond voor de wedstrijd kreeg ik zo’n voorgevoel en geïnspireerd door de slotscène uit de pakkende film ‘La vita e bella’ schreef ik geëmotioneerd alvast de inleiding met de laatste woorden uit de film van het vijfjarig zoontje Giosué : “Abbiamo vinto’ (we hebben gewonnen) als titel. Die ruime inleiding heb ik trouwens diezelfde avond nog op mijn Facebook gepubliceerd en vervolgens integraal in het eigenlijke verslag opgenomen. Want hoewel we weinig kans leken te maken wonnen we toch, met 3-2.
http://sporza.be/cm/sporza/matchcenter/mc_zaalsporten/cat_volleybal/2.34461/2.36324/1.2134819
 

Van Popol tot Brilsmurf of de wedstrijdverslaggeving van volleybalclub Knack Roeselare (deel 3 - slot)

 

Hoe Brilsmurf het leven zag vind ik zelf nog altijd een leuk verhaal om te vertellen. 

 

3 - 1 

 

Op 6 februari 2016 versloeg Knack aartsrivaal Noliko Maaseik met 3-1. 

https://www.youtube.com/watch?v=SZtwHj8el4w 

Ons wedstrijdverhaal (met als titel "Smurfen 3 - Vlaaien 1) schoot blijkbaar in het verkeerde keelgat bij de tegenstander want in hun samenvatting konden we lezen, ik citeer ‘De analyse van deze match met het kleine lichtpuntje kunnen we heus zelf wel maken. Daarvoor kunnen we de belerende raad van een brilsmurf met opgestoken wijsvinger of met irritant haantjesgedrag, best wel missen …’. En hoe kun je daarop beter reageren door juist een dergelijke geuzennaam, gegeven door een concurrent, als eretitel te dragen. Met dank dus aan hun Peppie en Kokkie, het olijke duo dat toen de verslaggeving voor zijn rekening nam. Inmiddels hebben ze wel met Bram Franssen, die een afzonderlijk blog verzorgt, aan kwaliteit bij gewonnen.
In een afzonderlijke post kan, wie wil, het bewuste wedstrijdverhaal nog eens (her)lezen, al zullen niet ingewijden er wellicht weinig van snappen. Zelf beleef ik er ook nog plezier aan en het illustreert op een correcte wijze de 'Brilsmurfstijl'.

 

En dus leeft tot op de dag van vandaag Brilsmurf verder en kreeg inmiddels een meer en meer dominante plaats. Op mijn Facebookpagina kun je er niet naast kijken, maar ook op mijn job wordt de naam Brilsmurf gebruikt wanneer er verwarring mogelijk is met een andere Paul (Lespineux).
Mijn abonnement staat niet op mijn persoonlijke naam maar wel op naam van....inderdaad....Brilsmurf.

Als uitsmijter nog wat bedenkingen, visies... die ik voor aanvang van dit seizoen neergeschreven had. Bepaalde zaken zijn inmiddels achterhaald en aan het feit dat ik nog over Antwerpen spreek (voor de niet-volleyliefhebber : ze gaven net voor de aanvang forfait voor dit seizoen) merk je effectief dat dit eind augustus geproduceerd werd.
 

1. Wellicht een gemeenschappelijke ergernis met vele liefhebbers is het feit dat er elk jaar wel spelregels worden aangepast. Ik herinner me bijvoorbeeld het miskleun van de 10 minuten break tussen set twee en drie. En zo kunnen we er nog een paar opnoemen. Maar daarbuiten stoort me vooral het proberen beïnvloeden van de scheidsrechters. Vroeger was dit iets waarop, in mijn ogen althans, Maaseik een patent had zowel door hun coach als door de spelers, wat gestructeerd ingebakken zat. Nu zie je het alsmaar meer. Als je er echt van overtuigd bent dat er een touché is of de bal binnen/buiten dan mag je terecht appelleren, maar in alle andere gevallen zwijg je als vermoord.

 

2. In grote lijnen mogen we eenzelfde competitieverloop verwachten met één belangrijk verschil en dat is dat Aalst zich niet langer als underdog mag profileren. In navolging van Knack trekken ze ook een stuk meer de Belgische kaart, een goede keuze zal blijken. Maar in het misschien laatste jaar met Frank Depestele zal daar de druk ook liggen om eindelijk eens de hegemonie te doorbreken. Ze kunnen er niet eeuwig over blijven praten en schrijven. Maaseik zorgt ook dit jaar voor aardig wat schrijfstof om de wedstrijdverslagen te bevoorraden. Ooit deed ik in 1978 mijn ‘drie dagen’ (toen al één dag) in het Klein Kasteeltje. Ik heb de indruk dat het inmiddels verplaatst is naar de Maaskanten om zijn huidige activiteiten verder te zetten.

 

3. Elk punt, elke wedstrijd, elke competitie moet gespeeld worden en dus zullen Menen, Antwerpen en ieder ander team zijn rol spelen. Menen is voor Knack altijd een kwaaie klant en bij Antwerpen is het een goeie zaak dat een vakman als Dardenne er ondanks alles aan het roer blijft. Kampioen worden wordt moeilijk voor hen, maar in een bekercompetitie is alles mogelijk.

 

 

4. Belangrijk figuren in elke wedstrijd zijn ook de scheidsrechters. Voor zover ik hierover kan oordelen denk ik dat we in België goede scheidsrechters hebben die deze aartsmoeilijke opdracht, zonder enige twijfel, 100 % integer uitvoeren. Dat ze soms fouten maken is eigenlijk niet meer dan logisch gezien de snelheid waarmee het spelletje gespeeld wordt. Ik geloof ook nogal sterk in de onzichtbare scheidsrechters, waarmee ik bedoel dat als we hen niet opmerken ze een prima job gedaan hebben. Lees je dus in een verslag niets over de mannen in het rood dan betekent dit in elk geval ‘well done’.

Hopelijk zullen we ook meer en meer een goedwerkend videochallengesysteem te zien krijgen om hen te assisteren, zeker ook in de finales van beker- en play-offs.

 

5. Over de ‘Bond’ ? Een politiek antwoord : "geen commentaar".
 

 

6. Hendrik Tuerlinckx ? Daarover iets zeggen is inderdaad een stuk makkelijker en minder tricky. Deze club heeft al vele grootheden gekend en het is onbegonnen werk om ze op te noemen of ze te vergelijken. Maar je kunt moeilijk ontkennen dat Straffen Hendrik in het rijtje van de allergrootsten past.  Hij heeft voor mij de klasse van een Contreras, de leidercapaciteiten van een Depestele, een ploegspeler als Benjamin Hardy en de grinta van… Hendrik Tuerlinckx. Ook beseft hij volgens mij ook wel dat hij kan schitteren bij gratie van zijn medespelers. Kort gezegd een echte leider die ten onrechte bestolen werd van een derde titel op rij als ‘speler van het jaar’ in 2015, wat ik voor mezelf nog altijd ‘de schande van Grimbergen’ noem.

 

7. Hoe ziet mijn slotpodium eruit ? Eerst en vooral ‘de vrijwilliger’ die voor enkele drankbonnen uren opoffert voor de club en zonder wie Knack Volley zelfs niet zou bestaan. Ten tweede ‘de supporter’ die als rode draad door de geschiedenis van deze club loopt en in feite de reden van bestaan weerspiegelt. Het klinkt misschien hard maar ‘spelers en coach zijn passanten (ook na 7 jaar en meer) maar de echte supporter blijft eeuwig bestaan’. En finaal ‘de sponsor’ al klinkt dit, zeker in het tennis soms wat melig, maar toch zo broodnodig.

 

Blog Brilsmurf

Door deze site te gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Cookies kunnen worden beheerd in uw browser of de apparaatinstellingen.